Once Upon a Time in Hollywood

Filmreview

wo 28/08/2019
0 reacties

‘A film by Quentin Tarantino’. De naam op zich is al voldoende om een heuse hype te creëren. Weinig acteurs of actrices slagen er op hun eentje in om mensen massaal naar de bioscoop te lokken. Laat staan regisseurs. Maar er zijn natuurlijk uitzonderingen en Tarantino is misschien wel de grootste uitzondering van allemaal. Opgehemeld door de een, verguisd door de ander, maar elke nieuwe film van hem opnieuw, en deze nog meer dan zijn anderen omdat hij over Hollywood gaat, ontketende een ongeziene hype, torenhoge verwachtingen en voor sommigen zelfs de enige keer dat ze in vijf jaar naar de bioscoop gaan.

Is Once Upon a Time in Hollywood de moeite om in de bioscoop mee te pikken? Jazeker. Is het een grand cru Tarantino? Nee, dat dan weer niet. De meningen zijn serieus verdeeld – hoe kan het ook anders met zo’n waanzinnig repertoire – maar ondergetekende ligt vooral Jackie Brown nauw aan het hart. Once Upon a Time in Hollywood leunt daar nog het meeste tegen aan, maar op zich vormt dit toch wel een buitenbeentje in zijn carrière. De film bevat de gekende ingrediënten van een QT-film – een knallende soundtrack, excessief geweld, pareltjes van scènes, culturele referenties à gogo – maar vooral de eerste twee uur komt Tarantino voor zijn doen heel soft en laidback uit de hoek.

Tarantino keert met Once Upon a Time in Hollywood terug naar het Los Angeles van 1969. Hollywood ondergaat op dat moment serieuze veranderingen. Dat merken ook onze hoofdrolspelers Jack Dalton (DiCaprio), een filmster met één hit op zijn palmares met nu al het gevoel van een has-been, en zijn stunt double Cliff Booth (Pitt) wiens glorieperiode al even achter hem ligt. We volgen beide heren tijdens opnames, autoritjes en dinners. Zo maken we ook kennis met een bende hippies en ontdekken we dat de buurman en -vrouw van Dalton niemand minder dan Roman Polanski en Sharon Tate zijn. Twee gebeurtenissen die later in de film nog een belangrijke rol zullen spelen.

Tarantino zou Tarantino niet zijn als hij toch nog even een stevige middelvinger uitdeelt.

Verwacht je niet aan spitsvondige dialogen, energieke scènes, buitensporig geweld en nagelbijtende stand-offs. Tarantino serveert in die eerste twee uur simpelweg, maar wel magistraal, een heuse liefdesbrief aan Hollywood. Het Hollywood waar Tarantino mee opgroeide en waarvan zijn oeuvre doordrongen is. Er wordt kwistig gestrooid met muzieknummers, talrijke neon-borden worden in close-up genomen, bekende plekken worden aangedaan. Tarantino zet je letterlijk in de auto en neemt je mee op een onvergetelijke trip naar een vervlogen tijd. De liefde druipt tijdens die momenten van het scherm. En als kers op de taart plaatst Tarantino daar nog eens twee absolute klasbakken als DiCaprio en Pitt in. Vooral Pitt is waanzinnig sterk en weet eindelijk nog eens te overtuigen.

Na twee uur film krijg je zelfs de indruk dat Tarantino een softie is geworden. Er gebeurt bitter weinig, een echt verhaal is ver te zoeken en alles kabbelt rustig voort. Maar je blijft wel gebiologeerd kijken. Tarantino zou Tarantino niet zijn als hij toch nog even een stevige middelvinger uitdeelt. Dan moet je wel eerst die lange rit uitzitten. Daarna volgt een stevig WTF-toetje. Once Upon is een knap staaltje cinema, maar misschien niet voor iedereen en al zeker niet voor iedere Tarantino-fan.

Auteur: Sven Van Beirs