Iron Harvest

Iron Harvest

"Liefhebbers van het genre, noteer deze gerust bovenaan je verlanglijstje"

vr 13/03/2020
Gepreviewed door Raf
0 reacties

De Poolse studio King Art Games trekt hun real-time strategy-feestje Iron Harvest 1920+ op met de hero-units van Warcraft III en de gestroomlijnde base-building met squad-based mechanismen van Dawn of War en Company of Heroes. Dat allemaal samen maakt dat ik – in deze virustijden – ongezond warm loop voor deze game.

Steam confronteert je meedogenloos met het aantal uren die je in een game hebt gestoken. Voor Company of Heroes 2 is dat voor mij meer dan 1600 uur en ik heb de screen-grabs om dat te bewijzen. Die game is intussen echter al 7 jaar uit en het wordt dus wel eens tijd voor een nieuwe fix.

Iron Harvest 1920+ lijkt die helemaal te brengen. Als ik niet zoveel respect zou hebben voor de liefde waarin de ontwikkelaar er zijn eigen ding heeft van gemaakt, zou ik haast van een van de beste mods ooit durven spreken. Maar dat doe ik dus uiteindelijk niet. Al zullen andere Company of Heroes 2-veteranen heel wat herkenbaars uit mijn hands-on afleiden.

Dieselpunk, géén steampunk

Een belangrijk stuk van dat ‘eigen ding’ dat de makers met Iron Harvest 1920+ doen is dat het helemaal in de World of 1920+ alternatieve dieselpunk wereldgeschiedenissetting past. Daarin werd de Eerste Wereldoorlog uitgevochten met primitieve mechs maar amper twee jaar na de afloop ervan zijn geheime krachten aan het werk om Europa te destabiliseren en de Rusviets (een proto-Sovjetunie), het Saxon Empire (de Duitsers) tegen elkaar uit te spelen met het allesbehalve weerloze Polania (Polen) tussen die hamer en dat aambeeld.

Epische proporties

Iron Harvest, die 1920+ denk je er vanaf nu maar zelf bij, bestaat uit 3 onderdelen. Een single player-campagne, verspreid over die drie facties in 21 missies, die een verhaal van epische proporties wil schetsen. En omdat je per factie één hero-personage door die gewelddadige kleine schermutselingen en grootse slagvelden loodst, zit er ook nog eens een persoonlijke touch in.

Het basisbouwen in Iron Harvest is heel gestroomlijnd.

Ik speelde de eerste vijf missies van de Polonia campagne en dat verhaal vond ik iets te vlagzwaaiend, clichématig en nog niet echt aangrijpend. De wereld en die alternatieve tijdlijn die ermee gebouwd werd, die prikkelde me dan weer absoluut wel.

 

Mechs & squads

De missies zijn onderverdeeld in twee types. Sterk gescripte scenario’s die je wel de strategische bewegingsvrijheid geven in de volgorde waarin je objectieven afwerkt en of je al dan niet achter secondaire objectieven aangaat. Het andere type vraagt dat je een basis bouwt om daarmee dan een aanvankelijk sterkere vijand te overtroeven, van de map te vagen of zijn aanvallen te weerstaan.

Je hero-personage en grotere units zoals mechs bestuur je individueel, de meeste andere units bestaan uit squads met elk hun unieke specialiteiten en vaak ook de optie om die te switchen. Bijvoorbeeld door ze aan een achtergelaten kanon toe te wijzen, of door een zwaar machinegeweer op te rapen.

De vlammenwerper-evacuatie

De klassieke schaar-steen-papier regels gelden ook in deze real-time strategiegame, dus elke unit is extra effectief tegen of juist extra kwetsbaar voor bepaalde andere units. Daarnaast speelt in Iron Harvest ook positie een grote rol. Mechs zijn aan de achterzijde veel minder zwaar bepantserd dan aan de voorzijde.

Iron Harvest ziet er, op de tussenfilmpjes na, uitstekend uit.

En belangrijker nog: de omgeving is voorzien van (vaak vernietigbare) dekking en een speler die daar geen gebruik van maakt, is net zo dom als een vijand die zich vanuit de flank of rug laat onder vuur nemen. Units in gebouwen sturen voor extra dekking? Check! Die units eruit fikken met vlammenwerpers of het gebouw op hun kop laten instorten met een paar goeie granaten? Check en check!

IJzer en olie

Het basisbouwen in Iron Harvest is heel gestroomlijnd. Je hele oorlogseconomie draait op ijzer en olie. Dat vind je her en der op de map en je engineers kunnen ook wrakken van mechs recycleren. Om een echt goeie influx van die resources te krijgen moet je zo veel mogelijk ijzermijnen of oliepompen onder jouw vlag brengen … en liefst ook houden, want de vijand wil ze natuurlijk ook. Je kan niet meer dan 3 of vier gebouwen neerzetten en voor zover ik al kon ontdekken, kan je die een keer upgraden. Dat geeft je per factie toegang tot 40 verschillende units en de meeste daarvan zijn specifiek voor Rusviet, Polonia of dat Saxon Empire.

 

Granaat-cooldown

Met zo weinig gebouwen kan je alle aandacht op je units houden. Die doen ervaring op, dus wanneer er een squad op het punt staat om uitgeroeid te worden, is het altijd een goed idee om die terug naar de basis te roepen om hun rangen terug aan te vullen. Dat je niet elke unit afzonderlijk opdrachten moet geven laat ruimte voor wat micro-management, zoals het gooien van granaten, het verplaatsen van een zwaar machinegeweer of het activeren van de speciale abilities die sommige units hebben, waar meestal een cooldown timer op zit. Bij mechs is het dan weer goed om ze, wanneer dat nodig is, achterwaarts te laten terugtrekken, in plaats van hun rug naar de vijand te draaien.

Golf, na golf, na golf, na …

Naast de campagne kan je in het hoofdscherm nog kiezen voor ‘missions’ en ‘multiplayer’. Die missions zijn bijvoorbeeld defensieve uitdagingen waar je zo veel mogelijk aanvalsgolven moet weerstaan, maar ook skirmishes en daarin neemt een speler, of nemen 2 spelers, het op tegen een computertegenstander.

Liever een opponent van vlees en bloed onder de poten van je mech pletten? Dan verwijzen we je graag naar de multiplayer die in standaardmodus gewonnen wordt door de partij die de strategische punten op de map lang genoeg onder zijn controle kan houden. Of de basis van de vijand in de as kan leggen.

 

Speed metal rush

Ik speelde zo’n multiplayermatch. Normaal ben ik wat ze een turtler noemen. Iemand die eerst zijn legermacht tot een pletwals zal uitbreiden om daar vervolgens mee tot in de basis van de vijand te walsen. Omdat ik echter nog niet helemaal vertrouwd was met de sterke en zwakkere punten van elke unit en de map hier voor het eerst zag, besloot ik echter voor een vroege rush te gaan. Iets te vroeg zo bleek. En iets te gerushed, ook. Damn!

Naast de campagne kan je in het hoofdscherm nog kiezen voor ‘missions’ en ‘multiplayer’.

Later speelde ik dezelfde map in skirmish en hoewel ik daar vroeger dan geanticipeerd een paar onbekende maar indrukwekkende mechs uit mijn basis moest slaan, zette ik die match uiteindelijk wel op mijn naam. Die echt heavy mechs zijn overigens heel indrukwekkend en ik heb al begrepen dat de snelheid waarmee ze over het slagveld stompen net zo belangrijk wordt als hun slagkracht in hoe je ze inzet … of tot schroot wil reduceren.

 

Gepast clunky

Iron Harvest ziet er, op de tussenfilmpjes na, uitstekend uit. Met gepast clunky animaties voor deze retro-mechs en units die zich overtuigend tegen dekking aandrukken. De game laat je aangenaam dicht op je units inzoomen, maar uiteindelijk speel je vooral met de camera zo ver mogelijk omhooggetrokken voor een maximaal overzicht.

Hier en daar liet deze build me mijn squad niet tegen dekking aandrukken waar dat toch zou moeten kunnen, maar mijn enige echte frustratie was dat de pathfinding af en toe haperde, waardoor sommige soldaten van een squad vast kwamen te zitten of achterbleven. De lead-designer vertelde me dat dit probleem eerder al verholpen werd maar met het toevoegen van een nieuw mechanisme terug opdook. Hij drukte me echter op het hart dat hij de game nooit zou durven uitbrengen met die pathfinding-issues zoals ik ze nu tegenkwam.

 

Releasedatum
01/09/2020

Conclusie van Raf

Een geweldige dieselpunk-setting, de gameplay van Company of Heroes én een game die Iron Harvest ook voor de single player strategie-speler de moeite maakt. Nee, als ze die kleine issues er nog uit krijgen wordt dit voor heel wat liefhebbers van het genre een gevaarlijke tijdspons.