De geschiedenis van de videogame-industrie is een lange en drukke snelweg geweest, met genres, consolesystemen en kortstondige rages die geregeld op de weg zijn opgedoken, en vaak ook vrij snel weer een uitrit namen. Wanneer je dan een docuserie wilt maken met een kroniek van de eerste kwarteeuw daaruit, kun je niet alle stopplaatsen aandoen: zelfs wanneer je alleen de belangrijkste evolutionaire stappen laat zien, is dat per definitie een keuze.
In ‘High Score’, een zesdelige Netflix-docureeks die sinds halfweg deze week op de streamingdienst staat, wordt er halt gehouden bij achtereenvolgens de vroegste lunaparktoppers en Atari, Nintendo, adventuregames en rpg’s, de intrede van Sega en de daaropvolgende console-oorlogen, beat ‘em ups, en vroege 3D-games als ‘Star Fox’ en ‘Doom’.
Geen volledig plaatje
De eerste PlayStation- en Xbox-consoles komen bijvoorbeeld niet eens in beeld, want het chronologische verhaal van ‘High Score’ stopt vlak na de Super NES en Mega Drive. En ook Atari 2600-concurrenten als de Magnavox Odyssey en de Intellivision worden ongemoeid gelaten. Bij het hoofdstuk over de Sega Mega Drive wordt zelfs vergeten te vermelden dat de console al een iets minder succesvolle voorganger had met het Sega Master System. Volledigheid moet je dus hoegenaamd niet zoeken in deze documinireeks, maar dat is zo goed als onmogelijk gezien het snelle opeenvolging van nieuwe gebeurtenissen die de voorgeschiedenis van dit medium hebben getekend.
In plaats daarvan heeft France Costrell, de Frans-Amerikaanse documentairemaakster achter de reeks, gedaan wat documentairemakers het beste kunnen: haar eigen verhaal verteld doorheen de barrage aan potentieel materiaal waaruit ze te kiezen had. Dat resulteert in een reeks die vooral blijft stilstaan bij de menselijke verhalen achter de games en de consoles.
Daarbij wordt er net iets te vaak ingezoomd op lui die uit de vroege eSports-scene komen, en dus gewoon de ervaring van slechts één – zij het heel bedreven – speler voorop wordt gezet. Maar op andere momenten komen er wel wat verrassende keuzes piepen. Zoals de kinderen en kleinkinderen van Jerry Lawson, de inmiddels overleden Afro-Amerikaanse ingenieur die met de Fairchild Channel F in 1976 een van de eerste consoles met verwisselbare cartridges ontwierp.
Structureel uit de haak
Maar niet de allereerste, want dat was de Magnavox Odyssey uit 1972, die niet eens wordt genoemd in de reeks. Er zitten wel meer feiten in ‘High Score’ die niet meer kloppen met wat we vandaag weten over die prehistorie van het medium. Zoals het feit dat de Japanse economie op een bepaald moment met een tekort aan munten van 100 yen zat, omdat de bestaande sneller verdwenen in Space Invaders-kabinetten dan ze weer in omloop geraakten. Klopt niet, zo blijkt uit recent onderzoek: de tekorten waren er, maar bleven beperkt tot een paar geografische gebieden.
De vertelling die door ‘High Score’ loopt maakt verder een paar puur associatieve bokkensprongen, waardoor het bij momenten allemaal een beetje moeilijk om te volgen is. Waarom bijvoorbeeld ‘Spacewar!’, de oergame uit 1962, pas in de laatste minuten van de laatste aflevering wordt genoemd, terwijl de link met Atari-stichter Nolan Bushnell al veel eerder kon worden gelegd? Vreemde keuze. Net als het feit dat er veel te vaak een bocht wordt gemaakt naar eSports, een fenomeen dat vandaag nog maar iets meer dan een miljard dollar per jaar opbrengt, en daarmee een voetnootje blijft in de hele ontwikkeling van het medium en de industrie erachter.
Ook esthetisch is het bij ‘High Score’ moeilijk te bepalen waar de lijn ligt: het springt geregeld van een ingetogen beeldvoering bij de menselijke verhalen naar de hyperversnelde en hyperoppervlakkige YouTuber-beeldtaal, waarbij niet zelden de geïnterviewden werd gevraagd om eventjes mee de clown uit te hangen. En ze dat – wat eigenlijk in hun voordeel spreekt - nog doen ook.
Een docureeks over de lange voorgeschiedenis achter de videogames die je vandaag speelt, verteld in moderne YouTuber-taal: als je nog bent gezegend met de jeugd, levert ‘High Score’ een leerrijke trip van een uur of vijf op. Wanneer je de middelbare leeftijd nadert of al ruim hebt overschreden, blijf je wat op je honger zitten: de vertelling komt zelden los van het wist-je-datje-niveau.





















