Waarom wel
Gigantisch veel content
Op papier zou deze Switch-versie wel eens dé ultieme versie van Burnout Paradise kunnen zijn. Naast de volledig opgepoetste game krijg je er ook nog eens alle reeds verschenen DLC bij. Dit zijn er maar liefst 8 waaronder het Cops and Robbers pack, de Legendary Vehicles en de Burnout Bikes. En als dat nog niet genoeg is zit Big Surf Island ook in dit pakket waarmee er extra locaties, challenges en voertuigen worden toegevoegd die schreeuwen om ontdekt te worden.
Qua content zit het dus helemaal snor.
En als al deze single player-content nog niet genoeg is, kan je ook je bolide online laten racen tegen andere gamers. Geloof me dus maar op mijn woord dat je met deze Burnout Paradise Remastered uren zoet zal zijn eer je elk hoekje van de map hebt ontdekt. Naast deze karrenvracht aan content mocht uiteraard ook de legendarische soundtrack niet ontbreken in deze remaster. Ik kreeg opnieuw kippenvel toen ik Paradise City van Guns N’ Roses door m’n speakers hoorde knallen. En ook andere kleppers als LCD Soundsystem, Alice In Chains, Faith No More, Junkie XL en N.E.R.D. staan klaar om je oren te verwennen.
Rijdt als een zonnetje
Goed. Qua content zit het dus helemaal snor. Maar het belangrijkste is natuurlijk hoe de game speelt. Want een razendsnelle game waarin om de haverklap framedrops te melden zijn, is best frustrerend. Ik kan gelukkig melden dat de game op zowat alle momenten draait als een zonnetje. De vooropgestelde 60fps worden bijna altijd gehaald en je kunt dan ook zorgeloos doorheen de stad sjezen tegen onwaarschijnlijk hoge snelheden zonder dat er maar een framedrop op te merken valt.
Dit geldt zowel voor wanneer je door de rustige bosrijke omgevingen vlamt als wanneer je door het drukke stadscentrum knalt. En dat alles zonder weinig tot geen inbreuk te doen op grafisch gebied, zowel in handheld als in docked mode. Want de game ziet er simpelweg goed uit. Je zou hem zo naast een recente racegame op de Switch kunnen plaatsen zonder dat je het zou merken.
Elke keer is het weer genieten om te zien hoe je bolide wordt omgetoverd tot een hoopje schroot.
En dan is er natuurlijk ook de pièce de résistance van Burnout Paradise: de vele waanzinnige crashes. Of je nu een tegenstander van de baan ramt, je zelf wordt uitgeschakeld of je door lompigheid tegen een betonnen steunpilaar van een brug ramt: elke keer is het weer genieten om te zien hoe je bolide wordt omgetoverd tot een hoopje schroot. Duizenden kleine stukjes van je carrosserie vliegen in het rond terwijl je toch even de frustratie van je fout onder ogen moet zien. Ja, Burnout Paradise gaf mij als vanouds weer zin om als een gek over de weg te scheuren terwijl ik met een welgemikte shunt mijn tegenstanders van de baan reed.
Waarom niet
Da’s pure zakkenvullerij
Dat ik mij ontzettend hard geamuseerd heb met mijn bezoek aan Paradise City zal zeker wel duidelijk zijn uit bovenstaande alinea’s. Daarbovenop hebben de dames en heren van Stellar Entertainment een heel knappe technische prestatie neergezet om de game ontzettend vlot te laten draaien op Nintendo’s console. Toch is er een grote olifant in de kamer waar ik absoluut niet rond kan. Om deze game in huis te halen moet je maar liefst €50 neerleggen. Dat is in mijn ogen een absurd hoog bedrag voor een remaster van een game die origineel in 2008 verscheen. Ik reken het voor de zekerheid even uit: dat is 12 jaar geleden! Des te pijnlijker is het feit dat de remaster voor Xbox One en PlayStation 4 slechts €20 kostte. Hoe goed de game ook mag spelen, dit hoge bedrag is op geen enkele manier niet goed te praten…























