Hadden ze je verteld dat Bloodborne eenvoudiger zou zijn dan Demon of Dark Souls? Vergeet het maar! Bloodborne zal evenveel levensjaren van je opeisen als het aantal dat je al verloren hebt aan Hidetaka Miyazaki’s andere games. Met nu al een dertigtal uur op de teller proberen we al een beeld te schetsen van wat Bloodborne te bieden heeft.
From Software maakt moeilijke games. Demon Souls werd wellicht door menig gamer snel aan de kant geschoven terwijl Dark Souls bij velen hetzelfde lot beschoren was. Dark Souls II was iets eenvoudiger of was dat omdat we ondertussen al geoefende Souls-gamers zijn? De meeste games hebben een uitgebreide tutorial en een moeilijkheidsgraad die al dan niet automatisch naar aangepast wordt wanneer je meermaals sterft. Bloodborne heeft dit niet. De moeilijkheidsgraad is meteen hoog, een tutorial ontbreekt en er zijn nog zekerheden in het leven: sterven doe je na maximaal vijf minuten gameplay. Heerlijk toch?
Lekker vaag
Het verhaal in Bloodborne begint na een medische ingreep. Hoe, wat of waarom zijn vragen waar je niet meteen een antwoord op mag verwachten en ook een duidelijke hoofdverhaallijn ontbreekt enigszins. Wat we wel met zekerheid kunnen zeggen is dat je eigen gekozen, en vormgegeven personage, een Hunter is. Net zoals andere Souls-games blijft alles lekker vaag en moet je het hebben van de info die je krijgt als je de tientallen bazen weet om te leggen en hier en daar een praatje slaat met NPC’s. Niet erg, want jouw focus in Bloodborne gaat in de eerste plaats best naar zo lang mogelijk in leven blijven dan het volgen of beleven van een complexe verhaallijn.
De spreekwoordelijke hel op aarde is in videogames niets nieuws, maar wanneer de hel neerstrijkt in Yharnam, mag je er vanop aan dat je elke seconde voor een nieuwe verrassing komt te staan. In Souls-games was je voornamelijk bang om te sterven. Dit gevoel neemt Bloodborne niet weg, maar de angst voor het onbekende, is deze keer erger. Wat ligt er straks op me te wachten? Waar zit het volgend monster? Hoe ga ik het omleggen? Gedachten die door je hoofd spoken en die je op den duur beletten nog één stap verder te zetten. Bang zijn om te sterven heeft in Bloodborne plaats moeten ruimen voor bang zijn om te bewegen, en laat stilstaan net één van de doodsoorzaken in Bloodborne zijn. De herspeelbaarheid zal hier wellicht onder lijden maar dat zien we absoluut niet als minpunt.
Magere Hein op kruissnelheid
Doodgaan moet je in Bloodborne nog steeds serieus nemen. In games zoals God of War of Battlefield begin je meestal opnieuw aan het dichtstbijzijnde checkpoint met behoud van je ervaringspunten. In Bloodborne zijn checkpoints karig – zelfs minder talrijk dan in vorige Souls-games - en ben je jouw ervaringspunten – Blood Echoes genaamd – kwijt wanneer je het loodje legt. Althans, tot je het monster hebt verslagen dat je de vernieling in hielp of je opnieuw op de plaats weet te komen waar het ‘You Died’-scherm je voor de honderdduizendste keer met de neus op de feiten drukte. Pittig detail voor de nieuwkomers: alle gedrochten die je eerder al wist te mollen, huppelen weer vrolijk rond. Wat je wél nog hebt, is de inhoud van je rugzak.
In het begin is Bloodborne hard, extreem hard zelfs, tenzij je de eerste uren verstandig weet te spelen. De kunst bestaat erin in het begin voldoende te grinden zodat je personage in level stijgt. Dit heeft een positief effect op je levens- en uithoudingsbalk, maar ook je slagkracht en weerstand tegen vuur en gifaanvallen gaan erop vooruit. Met dezelfde verzamelde Blood Echoes kan je ook je wapens repareren of upgraden, en nieuwe items kopen. Dit alles gebeurt in Hunters Dream, een droomwereld die enkel jouw personage kan betreden. Even naar Hunters Dream gaan betekent wel dat alle vijanden opnieuw spawnen dus wanneer je er niet moet zijn, ga je er best niet heen. Levellen – maar misschien nog meer in Yharnam rondlopen – is een gevaarlijke opdracht, al is de beloning groot wanneer je de ene vijand na de andere van top tot teen met je slagwapen weet open te rijgen. Er is trouwens geen optie om het bloed uit te schakelen dus hopelijk heb je een sterke maag want de bloeddruppels vliegen je bij momenten om de oren.
Onuitputtelijke bron
Op vlak van vijanden mogen we absoluut niet klagen. Gaande van kraaien, mensen, gigantische ratten, beenloze creaturen, woedende wandelende takken, weerwolven tot zelfs agressieve trollen die een carrière in de bouw hebben gemist. Laatste slaan graag op je bek met een gigantische baksteen. Kortom, de variatie is enorm en dat is de geschiedenis kennende, eigenlijk niet verwonderlijk. Elke vijand heeft zwaktes die je zal moeten vinden om vervolgens te kunnen uitbuiten wil jij je overlevingskans verdubbelen. Weerwolven kunnen bijvoorbeeld niet tegen vuuraanvallen dus zet je slagwagen even in vuur en vlam en je zwaait deze wolfachtigen meteen naar de eeuwige jachtvelden. Bellemans – ons koosnaampje voor de gigant met bijl en bel rond z’n nek – is tien meter lang, kan hard uithalen, maar is enorm sloom. Je houdt best even afstand tot zijn aanvalssequentie gedaan is en hij met heel veel moeite zijn bijl uit de grond probeert te trekken. Dat is het moment waarop je zit te wachten om even kort maar zeer krachtig uit te halen.
In het begin is Bloodborne hard, extreem hard zelfs.
Of wat dacht je van een driftig varken dat je met een tweetal kopstoten alle beenderen in je lijf kan breken? Je kan je vijanden zo gek en zo spectaculair niet bedenken of Bloodborne overtreft ze met gemak, en dan hebben we nog geen woord gerept over de bazen. In Yharnam ben je trouwens niet de enige Hunter en ook deze vijanden zijn taaie klanten. Eentje hebben we klein gekregen omdat we geluk hadden dat een zware aanval hem van een hoge toren naar beneden deed vallen. Loontje komt om zijn boontje want van dezelfde toren zijn we tijdens eerdere confrontaties zelf ook enkele keren naar beneden gedonderd. Geluk heeft een mens af en toe nodig in zijn leven en in Bloodborne zou je haast bidden dat het niet te lang wegblijft.
De goede raad van…
We kunnen het niet genoeg benadrukken maar herspeel vertrouwde omgevingen om niet enkel Blood Echoes te verzamelen, maar ook om de gameplaymechanieken onder de knie te krijgen. Je personage en de camera bestuur je met de joysticks terwijl de L- en R-knoppen je wapens bedienen. We kunnen telkens twee wapens per hand meenemen en wisselen doen we met de linker- en rechterpijltjes. Boven en onder gebruik je om te wisselen tussen je items in het snelmenu terwijl het rechtergedeelte van de touchpad nog een ander menu oproept. Ook dit kan je vullen met items die je minder snel nodig hebt. Hierdoor speelt Bloodborne volledig anders dan de vertrouwde JRPG’s.
Bloodborne is op zekere hoogte een hack & slash-game waarbij je korte- en lange afstandsaanvallen kan plaatsen. Al dan niet met meer kracht, iets wat te bekomen is door de L- en R-knoppen langer ingedrukt te houden. Opletten geblazen want gedurende deze tijd ben je zeer kwetsbaar voor tegenaanvallen. Het moment dat je opponenten hun aanvalssequentie inzetten, ben je meestal een vogel voor de kat tenzij je nog net op tijd weerstand kan bieden met je vuurwapen of kan dodgen. Volgens onze waarnemingen zou het spel trouwens maar één schild bevatten en ook het aantal wapens ligt beduidend lager dan in vorige Souls-games. De zeis is onze favoriet al slaan we ook wel eens graag met een gigantische hamer, met elektriciteit geladen knots of het gigantisch houten koetswiel. Kwaliteit boven kwantiteit en zo zien we het graag.
Ontdekkingsreiziger
Bloodborne moedigt je aan om nieuwe delen van Yharnam te ontdekken. Meermaals kom je aan een poort of deur die je niet meteen open krijgt of wil je een nieuw gebied verkennen maar raak je niet voorbij sterke vijanden. Na wat grinden kan je misschien wel komaf maken met deze gedrochten om wat verder op nog krachtigere exemplaren te stoten. Geregeld probeerden we een omweg te zoeken en zagen wij zijweggetjes die we eerder niet zagen en die ons toegang gaven tot een gebied vol eenvoudige vijanden en dus gemakkelijk verdiende Blood Echoes.
Ruwe kantjes
Over naar het technisch gedeelte van het spel. Bloodborne draait aan een solide framerate van 30 beelden per seconde, al zijn er bepaalde punten in het spel die te kampen hebben met korte maar hevige framedrops. Ook de laadtijden van en naar Hunter Dream zijn schreiend met wachttijden die kunnen oplopen tot één minuut. Laatste zou via patch opgelost kunnen worden en dat hopen we van harte maar zolang je in leven blijft, pauzeert het spel nooit om nieuwe data te laden. Stiekem hopen we dat Sony snel met firmware 2.50 (lees: de broodnodige resume-optie voor applicaties) komt zodat we Bloodborne zelfs niet hoeven af te sluiten wanneer het bedtijd is.
Grafisch brengt Bloodborne een zeer unieke sfeer. Voor echt grondbrekende grafische pracht moet je deze game niet aanschaffen maar de aankleding en grootsheid van de spelwereld is om duimen en vingers van af te likken. Ook de audio is van de bovenste plank en wil je van Bloodborne genieten, kunnen we enkel een degelijke surround of headset aanraden.
Wanneer de eindcredits over het scherm rollen – iets wat ons voorlopig nog niet gelukt is – gaan we ervan uit dat we minstens duizend keer het leven lieten. Al dan niet door een eindbaas die we nét niet klein kregen of klein gedrocht dat met een zwaard aan het rondzwaaien was terwijl je vergat de levensbalk verder aan te vullen. Soms zal je sterven op zeer idiote wijze, andere keren heroïsch maar elke keer leerden we uit onze fouten en probeerden we het beter te doen dan voordien.
Voorlopige conclusie
Met Bloodborne heeft de PlayStation 4 – naar onze mening – een system seller in handen. Het spel is even moeilijk dan voorgaande Souls-games maar is verre van straffend wanneer je het leven laat. Bloodborne laat je leren uit je fouten en geeft je de vergaarde ervaringspunten eerlijk terug. Althans, als je opnieuw bereid bent om alle eerder gedode vijanden opnieuw om zeep te helpen. Voorlopig hebben we het meerspelerluik nog niet onder handen kunnen nemen maar daarover later meer in onze definitieve review. Laat alvast van je horen in ons Bloodborne-forum.






















