Het eerste wat me opviel toen ik het ding in handen kreeg was hoe klein het is, het past letterlijk ik mijn broekzak, en hoe licht het weegt, namelijk 170 gram.
Was me dat even wennen zeg…
De PlayStation Classic lijkt als twee druppels water op zijn legendarische voorganger, die in 1994 voor het eerst op de Japanse markt verscheen, maar de klep waar de schijfjes inzitten, gaat niet open. Daarnaast is er ook geen ruimte om een memory stick in te pleuren. Al is dat geen probleem aangezien de miniconsole alles bewaart op ingebouwde virtuele geheugen. Om de liefhebbers van cijfers een idee te geven over de grootte: de mini is 45% kleiner aan de zijkanten en 80% kleiner in volume dan de originele console.
Naast de Classic krijg je ook twee kleine(re) PlayStation One-controllers en, oh boy, was dat even wennen zeg. De besturing van de 20 voorgeïnstalleerde games gebeurt immers met de afbeeldingstoetsen én de pijltjes. Nergens geen analoge of dualshock controller-achtige sticks te bespeuren.
Je kan ook nog rekenen op een virtuele geheugenkaart, een HDMI-kabel en een USB-kabel om je console aan te sluiten op je televisie. Geen handige technische Harry? Geen probleem want je krijgt ook een handige handleiding.
Herinneringen aan de “tijd van toen…”
Deze “terug naar de jaren ‘90”-besturing liet zich al meteen gelden bij het spelen van GTA, Destruction Derby of Cool Boarders 2. Het was echt weer even zoeken, wennen en vooral heel erg aanpassen om weer retro te gaan denken.
Eens ik de knop had omgeschakeld beleefde ik mooie momenten, in retrogeuren en kleuren weliswaar, met Rayman, Oddworld: Abe’s Odyssey, Syphon Filter en mijn favoriet uit deze 20 games tellende collectie, Metal Gear Solid.
Het is ook, zeker voor de oudere gamers die reeds heel lang meedraaien, nog eens leuk om te zien hoe al die games er in die tijd uitzagen en klonken. Zeker wanneer je kijkt naar de audio en graphics van de nieuwste generatie games. Ik denk dan aan GTA toen en nu, of Metal Gear Solid vs MGS V, Rainbow Six vs Rainbow Six Siege, Resident Evil Director’s Cut vs Resident Evil VII, etc…
Een luie zetel, twee couch potato's
Leuk is ook dat PlayStation gedacht heeft aan mensen met vrienden. Zo krijg je dus twee controllers bijgeleverd en kan je gezellig zoals in den ouwen tijd vanuit je luie zetel een potje gamen. Twisted Metal, Cool Boarders 2 en zeker Tekken 3 waren heel leuk om in split-screen te spelen. Games als Super Puzzle Fighter II Turbo of Battle Arena Toshinden waren dat dan weer absoluut niet. Kan Sony deze twee misbaksels niet snel vervangen door iets leukers?
Maar voor wie?
Maar wie gaat deze PlayStation Mini in huis halen, en welke games gaat hij/zij spelen? Ik vermoed na deze uitgebreide hands-on dat vooral retrogamers, PlayStation-fans en verzamelaars deze kleine grijze spellendoos in huis gaan halen. Of ze er zullen op spelen? Dat vermoed ik niet. Misschien even laten zien aan hun vrienden, en er even op spelen, maar dan veilig wegstoppen bij hun collectie consoles.
Door de veel te korte controllerkabels moet je, net als bij Nintendo’s mini’s trouwens, bijna met je neus tegen de televisie kleven om te kunnen spelen. Mijn tip is dan ook om, zeker als je van plan bent te spelen, een kleine(re) televisie in huis te halen. Zelf speelde ik de games in 4:3, 720p/480p op een 16:9 scherm van maar liefst 65 inch, en ik kan je verzekeren dat dit heel raar voelde in het koppeke.
Als ik er al eentje in huis zou halen, maar die kans is uitermate klein, dan zou ik tussendoor kunnen genieten van een Rayman, Abe’s Oddysee, Metal Gear Solid, GTA of Destruction Derby. Maar dan nog, aangezien ik nog twee oude PlayStation One-consoles heb liggen, zou ik eerder de rommelmarkten en beurzen afschuimen om de games zelf te kopen in hun originele verpakking. Iets wat op zich al een plezante bedoening is, zo wat neuzen en snuffelen.






















