Het gaat hier om een port én een remaster in één. In deze heruitgave van de semi-klassieker keren we terug naar een vaag en ongeïnspireerd plot waarin je niet alleen de Oud-Griekse, maar ook Egyptische en Chinese mythologie aandoet. Basically is het doel van de game voorkomen dat de immortals - ofwel Titans - van weleer voorgoed weten uit te breken. Als ze daar wel in slagen, is de kans groot dat de beschaving van wij ‘stervelingen’ aan een eind komt.
Uitverkorene
Hoe kan het ook anders dan dat jij als eenzame held wordt aangewezen om eigenhandig de wereld van haar bedenkelijke lot te redden. Hoewel, je kan ook met een vriend of vriendin de game spelen in een (splitscreen) co-op modus, die verbazingwekkend goed werkt. Althans, zolang je niet op het relatief kleine scherm van de Switch speelt. Verder kan je ook online samenspelen met maximaal zes andere spelers.
Maar samenspel is zeker geen vereiste, doordat je als speler niet één maar wel twee uiteenlopende classes kan belichamen met twee verschillende weapon loadouts. Dat wil zeggen: twee skill trees om te beklimmen en traditioneel gezien de mogelijkheid om zowel voor ranged als close quarters combat te verkiezen. Daarnaast heb je nog class-specifieke vaardigheden, zoals spells en buffs die je tussen je standaard aanvallen door kan verwerken.
Overpowered
Een hoop variatie verzekerd dus en het is geen probleem om als one man army door de game heen te walsen. Je mag het dan wel opnemen tegen een hoop losgebroken Titans, jij blijkt aan het eind van de rit nog meer dan hen een alles overheersende halfgod. En dat zou naar mijn mening niet zo mogen zijn. Je bent namelijk echt wel overpowered met de verschillende abilities die je kan gebruiken, wat voornamelijk ligt aan de veel te kleine mana-kost die al die krachten hebben.
Bepaalde aanvallen, zeker na er enkele vaardigheidspunten in te investeren, zijn dan weer veel te krachtig, waardoor ze voor het merendeel van de vijanden maar één keer gebruikt moeten worden om ze neer te halen. Zo kan je met de Ranger-class een soort vangnet gooien dat monsters vasthoudt, en tegelijkertijd damage uitdeelt. Niet alleen is die aanval belachelijk krachtig, hij heeft ook quasi geen cooldown. En zo zijn er nog heel wat voorbeelden in het spel.
Port frustraties
Gameplaymatig bots ik verder op heel wat frustraties die ik enkel kan wijten aan ondoordacht port design. Zo zijn de pc-controls gedestilleerd tot een zogenaamd aangenaam controleschema voor controllers, maar hier schort toch nog wat aan. Nu ja, er zijn wel enkele goede elementen, zoals het mappen van skills op de pijltjestoetsen, en je een alternatieve selectie skills bieden wanneer je de linkerschouderknop indrukt.
Verder krijg je een soort van selectiewiel wanneer je op de plus-knop drukt, wat op zich niet slecht is, maar ik had op zijn minst verwacht dat het spel op de achtergrond dan even vertraagt, of idealiter zelfs gepauzeerd wordt. Zo kan je op je gemakje items selecteren uit je inventory, je objectives een keertje bekijken, of de ongedetailleerde map raadplegen. Oh ja, en daarbovenop komt ook nog eens dat de menu’s niet voor console geoptimaliseerd zijn, waardoor ze vaak iets te vol lijken en je geen al snel overzicht meer bieden.
Mikken is een hel
Maar de grootste frustratie is het targeting-systeem. Doordat je op console niet aangenaam met een cursor kan werken, opteren de makers met deze port voor een automatisch richtsysteem waarin je met andere woorden weinig invloed kan uitoefenen op welke tegenstander je eerst te lijf wilt gaan. Dat is lastig, want het spel selecteert zelden de vijand die je effectief wil aanvallen. Wanneer je de aanvalsknop (y) ingedrukt houdt en met de linker analoge knuppel beweegt, verschijnt er wel een cone waarmee je zeer inaccuraat een andere tegenstander kan selecteren. Niet alleen is dit een omslachtig systeem, het vergt ook te veel tijd om eigenhandig een personage te selecteren, waardoor je intussen al serieus wat klappen incasseert.
Opgeschoond
Voor deze port wordt de game serieus opgeschoond. Toen Titan Quest in 2006 verscheen, was het zonder twijfel één van die vooruitstrevende titels waarvoor je een pc met beefy specs moest hebben. Voornamelijk op grafisch vlak moest je gamingmachine indertijd flink uit de hoek komen. Meer dan een decennium later liggen de kaarten anders, en is het - zelfs op de grafisch relatief gelimiteerde Switch - de game zelf die sterk uit de hoek moet komen.
En dat is doorgaans goed gelukt. Models zien er relatief strak uit, en de verschillende omgevingen beheersen een relatief hoog niveau van detail. Je kan met andere woorden geen pixels tellen, wat natuurlijk het ultieme doel is van een goede remaster van een 3D-titel als deze.
Belabberde audio
Op vlak van audio kan ik niet zo enthousiast zijn. De geluidseffecten van combat, bijvoorbeeld, klinken stoffig en dof, wat eigen is aan een kind van Titan Quests tijd. Jammer genoeg lijkt er niet zo veel opgeschoond op dit vlak. Daarnaast zijn alle NPC’s - al dan niet quest-related - voorzien van voice-lijnen. Hiervoor zijn er echter niet bepaald getalenteerde stemacteurs ingeschakeld, wat voor saaie, droogjes afgelezen voice lines zorgt. Daarbovenop zijn die acteurs overduidelijk geen native English speakers, wat in stemmenwerk met vaak een dik accent over resulteert. En dan niet op die charmante, opzettelijke manier die je meer in de juiste sfeer moet brengen, zoals bij Nico bellic in GTA IV.
Nog steeds dezelfde problemen
Wat me uiteindelijk nog het meeste stoort aan deze port is het feit dat geen enkel probleem waar de game in 2006 mee kampte aangepakt is. Er zijn nog steeds belachelijk veel exploits waarmee je vijanden snel kan omleggen en je kan gemakkelijk levels blijven grinden door alle vijanden in een omgeving te vermoorden, naar het hoofdmenu terug te keren en je save game opnieuw te laden om weer al die vijanden te bevechten. Ook lopen tegenstanders vaak tegen elkaar aan en blijven ze vasthangen of stoppen ze op onverklaarbare wijze opeens met je aan te vallen. ‘t Is maar een eenvoudige port, ik weet het, maar is het echt te veel gevraagd om de schoonheidsfoutjes na twaalf jaar op te kuisen?























