Protagonist in ‘Owlboy’ is Otus, een letterlijk stomme uilenjongen, die op het eerste zicht allesbehalve een held lijkt te zijn. Doordat hij geen woord kan zeggen wordt hij verre van gerespecteerd door zijn dorps- en soortgenoten. Bovendien is ook zijn leermeester allesbehalve vriendelijk tegen hem. Toch doet Otus er alles aan om iedereen van het tegendeel te bewijzen.
Samen sterk(er)
Wanneer op een zekere dag de wereld wordt opgeschrikt door een inval van piraten wordt het duidelijk dat er actie ondernomen dient te worden. Dan wordt ook duidelijk dat Otus er toch niet helemaal alleen voor staat, wanneer zijn beste vriend Geddy op het toneel verschijnt. Op dat moment wordt ook de interessante gameplaymechaniek duidelijk.
Het is ongelofelijk hoeveel detail en schoonheid de ontwikkelaars in deze game hebben kunnen steken.
Waar je in het begin als Otus enkel kon rondfladderen en een simpele spin-aanval kon uitvoeren, krijg je bij de introductie van Geddy een andere optie. Otus kan zijn beste vriend, en al zijn toekomstige vrienden, oppikken waardoor je plots veel sterker staat tegenover je vijanden. Geddy beschikt namelijk over een geweer waarmee je sterkere vijanden kan verslaan of obstakels omver kan schieten.
Elke vriend heeft zo zijn eigen sterktes en zwaktes, waardoor het zaak is om op ieder tijdstip de juiste vriend onder je te hebben hangen.
Natte uil
De besturing van Otus en zijn schietgrage vrienden loopt heel erg soepel. Met de linker joystick controleer je Otus terwijl je met de rechter joystick je wapen richt. Meestal kan je vrij rondfladderen doorheen de buitenwereld en grotten, maar op gegeven momenten zal je toch noodgedwongen moeten overschakelen naar old-school springen tussen platformen. Dit gebeurt bijvoorbeeld wanneer je watervallen tegenkomt, want onder water kan Otus namelijk niet vliegen. Logisch, want vogels kunnen natuurlijk niet vliegen onder stromend water. Zo waren die biologielessen van vroeger toch niet voor niets.
Variatie aan de macht
De gameplay zelf bestaat voor een groot deel uit je een weg zoeken doorheen verschillende omgevingen en grotten. Daarbij moet je geregeld puzzels oplossen om die ene schakelaar te gebruiken om een deur te openen. Op regelmatige momenten kom je ook oog in oog te staan met sterke tegenstanders. Tijdens deze gevechten moet je snel denken, de zwaktes van je tegenstander ontdekken en op de juiste ogenblikken schakelen tussen de verschillende aanvalsmogelijkheden die je op dan ter beschikking hebt.
Soms zit er niets anders op dan gewoon weg te rennen van je tegenstander. Dan schakelt de game naadloos over naar een soort horizontale endless runner waarbij je op het juiste moment obstakels moet ontwijken of kapotschieten. Deze variatie in gameplaystijlen draagt er toe dat ‘Owlboy’ ook na tien uur een pretje blijft om te spelen en op geen enkel ogenblik gaat vervelen.
Grafisch een pareltje
Om eerlijk te zijn ben ik niet onmiddellijk de grootste fan van de pixelachtige graphics die de verschillende Nintendo Switch indiegames gebruiken. Maar bij ‘Owlboy’ keek ik daar heel snel doorheen. Grafisch ziet deze game er namelijk fantastisch uit in zijn genre. Het is ongelofelijk hoeveel detail en schoonheid de ontwikkelaars in deze game hebben kunnen steken.
Soms zit er niets anders op dan gewoon weg te rennen van je tegenstander.
En dan spreek ik niet alleen over de knappe vergezichten, maar ook over de verschillende expressies die de personages kunnen overbrengen. Door het feit dat Otus geen woord kan zeggen, moet hij door middel van lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen zijn gemoedstoestand overbrengen. En daar zijn ze bij D-Pad Studios met verve in geslaagd.
Lust voor het oor
Een laatste punt dat met de nodige aandacht mag gaan lopen is de soundtrack. Componist Jonathan Geer heeft een waar huzarenstukje afgeleverd dat perfect past bij de grafische pracht op het scherm. Door gebruik te maken van strijkers, piano en andere klassieke instrumenten kreeg ik bij momenten letterlijk kippenvel tijdens het spelen. Het lijkt erop dat ze bij D-Pad Studio evenveel belang hebben gehecht aan de muziek als het monnikenwerk dat ze verricht hebben aan de visuals. Tot mijn jolijt vond ik de volledige soundtrack zelfs terug op Spotify.























