Ten tijde van de originele release streed de toenmalige ontwikkelstudio New World Computing op twee fronten: Might & Magic-games stonden hoog in de achting van elke rollenspellenfan, maar met Heroes of Might & Magic rolden er ook regelmatig turn based strategiespellen van de band. Beide formules leven ook vandaag nog harmonisch naast elkaar en in 1999 verscheen dus deel drie uit de meer strategische reeks van de twee. Grafisch maakte Heroes of Might & Magic met 3D-elementen en gebieden met een hoog regenbooggehalte een gigantische sprong voorwaarts, maar de gameplay bleef onveranderd. De fundamenten zaten goed, de positieve kritieken vloeiden vlot in de richting van de voorgaande games; geen reden om drastisch te veranderen dus.
Onveranderde kern
De evenwichtige mix tussen micro- en macromanagement staat ook vandaag nog pal en de fantasiesetting waarbinnen de verschillende campagnes zich afspelen – en dat zijn er maar liefst zes – omvat typische elementen die afwisselend een tikkeltje donker en dan plots weer kleurrijk zijn. De focus in dit genre ligt overigens vaak niet bij de graphics; diepgaande gameplay met een piekende moeilijkheidsgraad zijn belangrijker en zeker aanwezig.
De twee hoofdcomponenten van Heroes of Might & Magic III HD zijn enerzijds het zoeken van geschikte bouwplaatsen en nadat je voldoende geëxploreerd hebt beginnen construeren en anderzijds het doden van tientallen opdringerige tegenstanders. De ontdekkingsreis is uitermate boeiend dankzij een overvloed aan te ontdekken grondstoffen, schatten en andere prullaria. Je moet uiteraard beslissen welke personages je inlijft, waarna de rest eigenlijk vanzelf evolueert. Of dat al dan niet in de goede richting is, hangt van je tactische capaciteiten af, want zoals gezegd: deze games zijn nooit de simpelste geweest.
Manusje-van-alles
Onderweg vergaart je groepje avonturiers ervaringspunten en nieuwe aanvallende impulsen om de woeste wereld op een verantwoorde manier te kunnen verkennen. De machtigste barbaren kan je een heus leger toevertrouwen om de koppige snoodaards blijvend een lesje te leren en met de grondstoffen die ze thuis afleveren, kan je in de stad aanpassingen doorvoeren om nieuwe eenheden te kunnen rekruteren. De verzamelde upgradepunten kan je trouwens best evenredig verdelen tussen kasteelbelegeringen, het verkennen van ongekend terrein of magiespecialisten, want die polyvalente samenstelling zal uiteindelijk in je voordeel uitdraaien.
Ruw geschat vijftig percent van de tijd zal je je met die andere hoofdbezigheid, vechten, bezighouden en daarin kruipt enorm veel tactisch denkvermogen wanneer je het onderste uit de kan wil halen. Elke strijdkracht mag beurtelings zijn ding doen en daarbij geldt de wet van de snelste eerst. Een nieuwigheid destijds was de toevoeging van speciale toverspreuken die voor een bepaald personages uniek zijn. Daardoor wint het samenstellen van een gebalanceerd team nog aan belang, want het kunnen reanimeren van gevallen kompanen is enorm nuttig, maar ook het tevoorschijn toveren van een verdedigende aura is uitermate voordelig. De basis van gevechten oogt dan wel simplistisch, de complexiteit is het deel van de ijsberg dat zich onderwater manifesteert.
Een remake waardig
De zes campagnes en de daarbij horende omgeving lijken compact te zijn, maar alle niveaus van de wereld worden optimaal benut: ondergrondse grotten, bergen en dalen vormen ook het uitnodigende decor van deze High Definition-remake. Het koninkrijk Erathia wordt door vijandige creaturen bestookt en die oorlog kan je vanuit zowel het perspectief van de goeden als vanuit dat van de kwaden beleven. Narratief stelt de game niet zo erg veel voor, maar het moet worden gezegd dat de belangrijkere vechtstructuur wél doordacht werd geïmplementeerd.
Hoe zit het nu eigenlijk grafisch met dit spel? Zoals we in het begin reeds verklapten, was Heroes of Might and Magic III in 1999 een grafisch spektakel vergeleken met andere games. Anno 2015 zijn we natuurlijk heel wat gewoon en moeten ontwikkelstudio’s al goed uit de hoek komen willen ze gamers en recensenten omverblazen. De eigenheid, zeg maar het idyllische plaatje, heeft de tand des tijds doorstaan en vooral de mooier afgelijnde textures en vlot bewegende monsters springen in het oog. Zo is de game alweer klaar voor vijftien jaar mee te gaan, als de technologie geen grote bokkensprongen maakt natuurlijk.























