Red Dead Redemption (2010)
Om met de meest voor de hand liggende te beginnen: jazeker, de originele Red Dead Redemption is absoluut een nieuw bezoek waard. Zelfs na zes jaar. Nog niet zo lang geleden kwam hij bijvoorbeeld, in een lichtjes opgepoetste versie, backward compatible uit op de Xbox One, dus je kunt hem ook op een moderne console spelen. En dus opnieuw kennis maken met ex-outlaw John Marston, die de hoofdrol speelt in een game waarin - net zoals in Grand Theft Auto - snerpend naturalisme en de valkuilen van de American Dream centraal staan, maar dan vuiler, bevreemdender. De openwereldvertelling houdt de klassieke structuur van een archetypische western aan (denk The Wild Bunch, A Fistful of Dollars, High Plains Drifter), tot je naar een van de meest bijtende finales wordt geleid die de Houser-broertjes ooit uit hun koker hebben geklopt. Grote, gròte klasse. En voor Red Dead Redemption 2: a tough act to follow.
Hard West (2015)
XCOM in het wilde westen: dat is, in een halve zin, waar de recente Poolse indiegame Hard West voor staat. Er zitten heel wat bovennatuurlijke elementen in de game, maar je pikt ook meteen de sleutelelementen van een western eruit. De actie loopt over een tactisch speelveld, maar in plaats van jezelf in positie te zetten om aliens neer te maaien zet je in deze game je schutters uit, om zo dadelijk een forse standoff te organiseren, waarbij je de mannen van de tegenstander eerst intimideert en op de korrel neemt voordat de hel losbarst.
Call of Juarez: Bound in Blood (2009)
De eerste Call of Juarez (2007) was een beetje een culthitje, maar de écht spannende game uit Ubisofts later een beetje mismeesterde westernreeks was deze prequel uit 2008. Bound in Blood schittert vooral door zijn twee smeerlappen van protagonisten, de broers Thomas en 'Reverend' Ray McCall, die tijdens de Amerikaanse burgeroorlog deserteren uit het geconfedereerde leger om hun ouderlijke woonst te beschermen tegen plunderende noordelijken. Na de oorlog gaan ze op de vlucht voor de wet naar het in die dagen nog écht wilde Westen, geraken ze op het spoor van een goudschat die meer dan 300 jaar eerder werd achtergelaten door de Azteken om hun leider Monteczuma vrij te kopen, en krijgen ze - ten slotte- ruzie omwille van een vrouw. Tegen het einde van de game heb je soldaten van het noordelijke én het zuidelijke leger, corrupte sheriffs, Amerikaanse en Mexicaanse bandieten, en Apache-, Comanche- en Navajo-indianen omgelegd: alle vormkenmerken van de western zitten er dus in. Bovendien heb je meermaals grote hordes tegenstanders neergemaaid met een Gatlingmitrailleur, een rivierboot doen zinken met een kanon, en duels uitgeknokt in een soort bullet time.
Red Dead Revolver (2004)
Nu we toch in de back catalogue aan het woelen zijn: kijk ook eens naar Red Dead Revolver, zowaar Redemption's geestelijke voorloper. Ook die game, die origineel voor de PlayStation 2 verscheen, is vandaag in een downloadversie te vinden op de PC4, en toont een klassiek negentiende-eeuws westernepos rond revolverheld en premiejager Red Harlow. De game is, net als zijn bekendere opvolger, een third person-shooter, maar toonde zijn actie (nog) niet in een open wereld. Wel zat er al die bekende Rockstar Games-kwaliteit in, onder meer in het korrelige beeld en de uit bekende spaghettiwesterns gelichte Ennio Morricone-score.
Gun (2005)
Een jaar na Red Dead Revolver kwam ook Activision met zijn eigen westerngame op de proppen, eveneens in third person-perspectief, en wèl in een openwereldsetting. Net als in Red Dead Redemption, een zestal jaar later, kon je in Gun door velerlei verzoekingen van je missiepad worden gebracht, onder meer om te jagen op groot wild of om een spelletje poker te spelen. Bij de stemmencast zat onder meer country- en westernlegende Kris Kristofferson, en de plot bracht je door de (zeker voor de PlayStation 2- maar ook al Xbox 360-hardware uit die tijd) natuurgetrouw in een gamewereld gegoten badlands van huidige Amerikaanse staten Arizona, Colorado, Kansas en New Mexico.
Outlaws (1997)
Een shooter met een mix van invloeden tussen Sergio Leone-spaghettiwesterns als The Good, The Bad and the Ugly en Once Upon a Time in the West, graphic novels, en MTV-animatieserie Aeon Flux: dat was Outlaws, een titel waarmee gamestudio LucasArts wat breder probeerde te sporen in de late jaren 90. De studio was vooral bekend door zijn Star Wars-games (waarvoor ze enkele jaren later uitsluitend bekend voor zouden blijven) en zijn point-and-clickadventures, maar de first person shooter, een genre voor krachtige pc's, was eveneens stevig aan zijn opmars bezig in die tijd. En met Outlaws, en zijn semi-handgetekende graphics en zijn (toen al) online multiplayer, probeerde het bedrijf daarop in te spelen. Tevergeefs, want Outlaws werd geen doorslaand commercieel succes. Maar een culthitje werd het wel.
Gold Rush! (1988)
Brooklyn in de tweede helft van de negentiende eeuw was maar een saaie negorij, zeker voor een redacteur van een lokale krant. En dus zocht hoofdpersonage Jerrod Wilson het avontuur op in deze relatief vroege adventuregame van Sierra (zij, weetjewel, van Leisure Suit Larry en King's Quest): op weg naar Sacramento waar Californisch goud (maar ook wel zijn verloren gewaande broer) op hem wacht. Gold Rush! speelt zich af in 1848, maar of het een échte western wordt is volledig overgelaten aan de keuze van de speler: je kunt namelijk drie routes kiezen naar de nieuwe wereld, en alleen die over land (via de postkoets) brengt je in gevaarlijk Native American-gebied of over de barre Sierra Nevada. De twee andere opties zijn scheepsroutes, en houden je alleen maar wat langer in Brooklyn om je voor te bereiden.
Law of the West (1985)
"Eh! Gringo! I hear you got a fast draw!" Snel je pistool trekken en je tegenstander volpompen met lood was soms cruciaal in Law of the West, maar het was véél minder belangrijk dan je conversationele vaardigheden. Deze titel, waarin je de sheriff van een goudzoekersdorp speelt, was een van de games die van speelbare dialoogscènes een min of meer gevestigd element in het medium maakten. En waarin alle confrontaties waarvoor je in een soort third-person-perspectief werd geplaatst (je zag alleen de schouder en de schietarm van je sheriff) ook op een geweldloze manier kunnen worden opgelost. Zo kreeg je onder meer je luie hulpsheriff voor je, een ex-lief, een hoertje, de constant bezopen dokter, enzovoort. Als je de confrontaties overleefde, kreeg je een puntenschaal te zien waarop je onder meer scoorde voor je menselijke prestaties in het spel, zoals het oplossen van conflicten en het vinden van een date. Sommige personages kon je ook beter te vriend houden: de dokter, bijvoorbeeld, lapte je na een schietpartij op als hij je genegen bleef. Maar het grappige aan het game was dat je evengoed elk sujet ook zo kwaad kon krijgen dat hij (of zij) een revolver trok, en dan was het kwestie van hem zo snel mogelijk overhoop te knallen.
The Oregon Trail (1971-1985)
Jongleren met tientallen in elkaar verstrengelde variabelen, à la SimCity, Civilization en Age of Empires, zat al in de behoorlijk vroege, aanvankelijk voor de educatieve markt bedoelde game The Oregon Trail, waarin de speler tijdens een lange reis per huifkar naar Oregon de boel ordentelijk moest managen: koop je meer munitie om je te beschermen tegen aanvallers en lijd je tijdens de hele reis honger, of sla je vooral voedsel in en hoop je op het beste? Steek je de rivier over per veerboot en betaal je daar dus een prijs voor, of spaar je je centen op het gevaar af dat je op een te diepe plaats door het water waadt? The Oregon Trail werd in Amerikaanse scholen al sinds 1971 gespeeld om kinderen op een HP 2100-computer te leren managen, maar de bekendste versie is de Apple II-remake uit 1985.






















