Moeten we het werkelijk nog zeggen? Dragon Age: Inquisition is een geweldig spel. Toen we onlangs met producer Cameron Lee een praatje sloegen over BioWares nieuwste, straalde de man zelfvertrouwen uit. Hij wist gewoon dat deze game goed zit. Zijn volledige team stak de koppen bij elkaar om de ultieme Dragon Age-titel klaar te stomen en het moet gezegd: ze zijn in hun opzet geslaagd. Van schaal tot verhaal, speelduur tot herspeelbaarheid, kwaliteit tot kwantiteit, het plaatje klopt. Nee, deze game is niet perfect. Veel technische mankementen breken bij momenten de ervaring en we hebben nog steeds onze bedenkingen bij de gevechtsmechanismen van de titel. Al die dingen zijn echter klein bier tegenover al de dingen die BioWare wel goed doet.
Dodentocht
Een lange rij in knappe, glimmende harnassen getooide Templars marcheert rechts van ons. Een even lange processie in zwarte gewaden gehulde Mages passeert ons langs links. Hun bestemming: The Temple of Sacred Ashes, die trots op de top van de besneeuwde berg voor ons over het landschap uitkijkt. Daar zullen de twee facties hun eeuwige verschillen bijleggen en de strijdbijl voorgoed begraven. Het knappe beeld ontneemt ons even de adem en het spel is nog niet eens werkelijk begonnen. Dit is namelijk de achtergrond van het hoofdmenu van Dragon Age: Inquisition en geen imposante cutscene. Spontaan geprikkeld klikken we gretig op de New Game-knop. Knal. Een groene steekvlam schiet uit het dak en langs de ramen van de tempel in de verte. Een schokgolf schiet over het landschap en mept alle Templars en Mages buiten bewustzijn. Een schild verlaat de arm van zijn rechtmatige eigenaar en vliegt recht in ons gezicht. En dan wordt alles zwart.
De grootste ster in deze game is niet de inquisitor die je bij aanvang met de uiterst gedetailleerde character creatietool kneedt. Noch de vele kleurrijke personages die je vergezellen of je pad kruisen tijdens je reis doorheen Thedas. Nee, het is het hele Dragon Age-universum dat de hoofdprijs wegkaapt. Een wereld vol geloofwaardige lore en kleine details die de game tot leven brengen. Je kan Inquisition perfect spelen zonder enige kennis van de voorgaande games, maar je mist zo wel een hoop onderliggende content. De titel is duidelijk ontworpen met de voorgaande titels in het achterhoofd en is dus het meest te genieten als je de credits van Origins en Dragon Age II al eens over je netvlies zag rollen. Enkel dan weet je het fijne over de problematiek tussen Templars en Mages waar de game op inspeelt en vang je de subtiele verwijzingen naar voorgaande games in de vele dialogen tussen de personages op. Het Dragon Age-universum is er één met een geschiedenis die pas echt tot leven komt als je er zelf bij was. Wanneer er over Grey Wardens gesproken wordt of als Dragon Age II-personage Varric Tethras grimmige herinneringen ophaalt aan de Blight, kan je niet anders dan met enige trots bevestigen dat je exact weet waar hij het over heeft.Pimp-my-Inquisitor
Die kennis van voorgaande games pas je al meteen tijdens de personageontwikkeling toe. Uit ervaring weten we hoe moeilijk een elf het kan hebben wanneer hij met mensen om moet gaan, of hoe dwergen nooit magie kunnen gebruiken. Ook schatten we de moeilijkheden in die je met het nieuwe speelbare Qunari-ras – dat doorgaans als gewelddadig, maar eervol wordt ervaren – tegen kan komen. Doordat we een zwak voor underdogs hebben, gaan we voor een Elven Warrior. Jammer is dat je in deze game je afkomst niet kan kiezen. In Dragon Age: Origins kon je als elf kiezen of je bij een Dalish-clan (lees: boselfen) hoorde of als armzalige City Elf door het leven ging. Koos je voor een dwerg of een mens, dan kon je kiezen of je van adel afstamde of niet. Al die keuzes zijn in Inquisition niet van de partij, waardoor je toch een beetje vrijheid in het uitstippelen van je personage mist. Aan de hand van je ras en klasse schotelt de game je al een origineverhaal voor waar je – willen of niet – mee verder moet. Het kleine gemis wordt gelukkig ruimschoots goed gemaakt door de gedetailleerde creatietool waarmee je tot in de puntjes jouw personage boetseert.
Pas wanneer je eigenhandig je personage kan vormgeven, valt op hoe grafisch gedetailleerd Dragon Age: Inquisition werkelijk is. Je kan de poriën op de huid van je personage werkelijk tellen. Elke verandering die je aanbrengt, zie je ook meteen. Spelers die graag zichzelf namaken in games of uren aan de juiste look van zijn of haar personage zitten schaven, kunnen in Inquisition zich meer dan ooit uitleven. En die grafische pracht van de nieuwe Dragon Age stopt niet bij de character creation. BioWare toont met deze eerste game op de Frostbite 3 Engine meteen waar de ontwikkelsoftware van Electronic Arts toe in staat is.
Het verhaal in Dragon Age: Inquisition is al genoeg om je tachtig tot negentig uur geboeid te houden.
Tussenfilmpjes lijken cinematografische pareltjes en de grote omgevingen in de game zijn tot in de puntjes knap uitgewerkt. Over die omgevingen gesproken, Dragon Age: Inquisition bestaat niet uit één reusachtige spelwereld, maar uit meerdere uitgestrekte gebieden vol mysterieuze hoekjes en impressionante uitzichtpunten. Voor het eerst in de reeks kan je twee landen naar believen verkennen. Enerzijds heb je Ferelden, dat als decor voor Dragon Age: Origins fungeerde, en anderzijds kan je Orlais bezoeken, een staat met een exotischer karakter en een merkbaar lichtere architectuur. BioWare slaagt erin beide staten succesvol te presenteren, wat de geloofwaardigheid van het continent Thedas alleen maar ten goede komt. Alleen jammer van de lange laadtijden die met deze pracht gepaard gaan. Gelukkig zijn die tot een relatief minimum beperkt.
Ten strijde!
Na de explosie in The Temple of Sacred Ashes ontwaken we in een kale cel in het kleine winterse bergdorpje Haven. Een litteken brandt pijnlijk op de linkervoorarm. Seeker Cassandra Pentaghast, één van de herkenbare personages uit Dragon Age II, maakt ons snel duidelijk dat we de enige overlevende zijn van de explosie in de tempel. Daardoor denkt iedereen nu dat we het hele boeltje eigenhandig de lucht in bliezen. Gelukkig blijken we ook de enige te zijn die de vele gaten tussen de Fade (een soort hallucinante onderwereld en tevens de bron van alle magie in de wereld) en onze wereld kan dichten, waardoor onze executie uitgesteld wordt. Die gaten ontstonden namelijk door de kracht van de explosie en blijken verbonden met mijn litteken. Om de eerste scheur in het universum te dichten, moeten we echter al een kleine horde demonen en geesten te lijf gaan.
De gevechtsmechanismen van Dragon Age: Inquisition blijven toch een beetje een doorn in het oog. Speel je met een gamepad of controller, dan voelt alles nog relatief natuurlijk aan. Om een standaardaanval uit te voeren hou je namelijk de rechtertrigger van je gamepad ingedrukt, terwijl je met face buttons speciale vaardigheden selecteert. Dezelfde handelingen worden echter een pak onnatuurlijker wanneer je de rechtertrigger door de linkermuisknop vervangt en de face buttons door toetsen op een klavier. Een knop ingedrukt houden om aan te blijven vallen lijkt dan op zich al ongebruikelijk, aangezien je nooit echt wil stoppen met aanvallen tot je tegenstander het loodje legt.
Gelukkig is er nog de terugkeer van de tactische camera, toch? Wel, ook die voelt een beetje eigenaardig aan. Weerom werkt de tactische view ondanks enkele vreemde camerabewegingen relatief goed met gamepad, maar bestuurt hij soms wat eigenaardig met toestenbord en muis. Door op de T-knop te drukken of volledig uit te scrollen met je muiswiel pauzeert het spel automatisch en kan je tactische instructies uitdelen aan al je personages terwijl je de camera met WASD-knoppen vrij bestuurt. Wanneer je dan op de control-toets drukt, kruipt de tijd vertraagd verder. Met nog een druk op de T-toets kruip je terug in de rechtstreekse modus waarin je weer de aanvalsknop ingedrukt moet houden om schade aan te richten. Gelukkig valt er aan de tactical view makkelijker te wennen en worstel je enkel nog met de vreemde camerabesturing in de modus. Wanneer je de game op de normale moeilijkheidsgraad speelt, heb je de tactische camera echter niet al te vaak nodig. De AI staat zijn mannetje wel tegen doorsnee vijanden en je kan je dan beter focussen op de juiste handelingen van één specifiek personage.Het begin
Na een eerste eenvoudige bossfight en een gefaalde poging om de hoofdscheur tussen de Fade en de realiteit voorgoed te sluiten, zijn Cassandra en haar companen Leliana (uit Dragon Age: Origins), Varric en de Elven Mage Solas overtuigd van onze onschuld in de explosie. Om de dreiging van de scheuren in de lucht voorgoed de kop in te drukken, richten ze vervolgens de Inquisition op die naast de kerk en staat de orde in Thedas tracht te herstellen. We leiden, als zogenaamde afgevaardigde van de godin Andraste, het hele zaakje met behulp van drie helpers; Leliana, voormalig Templar Cullen en de Antivaanse Josephine Montelyet. Eerst opereer je vanuit Haven, later verhuist de inquisitie naar het knappe Skyhold. Een ruim fort dat je als inquisiteur eigenhandig uit kan breiden aan de hand van upgrades en investeringen in de inquisitie.
Het verhaal van Dragon Age: Inquisition mag dan wel intrigerend genoeg zijn om je een dikke tachtig tot negentig uur te boeien, het is uiteindelijk het onderhouden en runnen van de inquisitie dat je steeds weer naar de game doet grijpen. Elke randmissie, hoe groot of klein die ook lijkt, draagt bij tot het versterken van de macht van de inquisition. Of je nu grondstoffen verzamelt voor het versterken van je troepen hun wapens of locaties markeert om uitkijkposten te laten bouwen, alles heeft een goede reden en de impact van je werk is ook merkbaar naarmate je vordert. Missies leveren je niet alleen ervaringspunten op waarmee je je personages levelt, je krijgt er ook Power-punten van waarmee je nieuwe missies vrij kan spelen op de war table in je raadkamer.Niet alle last valt op jouw schouders, trouwens, want op diezelfde oorlogstafel kan je missies organiseren voor andere bestuursleden. Zo kan je Cullen een opstand in een ver gebied laten bedaren en Leliana's spionnen in het kasteel van een onbetrouwbaar graafschap laten infiltreren. Die opdrachten voltrekken zich in real-time, wat wil zeggen dat je vaak een uur op een eindrapport wacht. Gelukkig voeren je kompanen hun taken ook uit wanneer je het spel afsluit, waardoor je vaak bij het opstarten van de game een reeks verslagen en beloningen binnenkrijgt.
Extra laag
Je merkt het al, Dragon Age: Inquisition is groots in opzet. Voor het eerst in de reeks gaat het niet langer om je eigen party uit te dossen met de juiste uitrustingen en de juiste vaardigheden. Dat aspect is ook nog bewaard gebleven, maar de titel is veel meer dan dat. Alles wat je doet, heeft invloed op zowel de personages als de spelwereld. BioWare vond de perfecte balans tussen persoonlijke ontwikkeling en het onderhouden van de inquisitie. Het zegt al veel dat we, na het afrollen van de aftiteling, nog steeds niet de level cap behaalden en nog altijd geen tweehonderd meter kunnen lopen doorheen één van de vele uitgestrekte spelgebieden zonder een onafgewerkte quest tegen te komen. We komen nog steeds plaatsen tegen waar we nooit eerder een voet zetten en ontdekken nog steeds details en lore die het Dragon Age-universum rijker maken. Jammer genoeg halen de langdurige laadtijden en vele technische mankementjes zoals knoppen die soms niet reageren of menu's die niet willen inladen bij momenten de angel uit de ervaring. Gelukkig zijn die foutjes gemakkelijk op te lossen met enkele uitgebreide patches.
Er is nog één aspect van de game waar we je jammer genoeg niet veel over kunnen vertellen. De co-op multiplayer-modus kreeg niet genoeg aandacht door onze uitgebreide speelsessie in de singleplayer-campagne, waardoor we je niets meer dan enkele vage impressies mee kunnen geven. Je begint in de co-op met een ander personage dat apart levelt. Doordat je vrienden elk een eigen personage voor hun rekening nemen, is de tactische modus hier weggelaten, waardoor samenwerken vaak een must wordt. Het multiplayer-luik lijkt een leuke extra die op dezelfde solide basis van de solocampagne rust. Het Dragon Age-universum met vrienden delen en samen eens loos gaan op de vele verschillende vijanden die Inquisition rijk is, zorgt dus zeker voor een bijkomende onderhoudende ervaring. De nieuwe modus lijkt ideaal voor wanneer je de solocampagne even beu bent, al geloven we niet dat je snel op dat punt zal zitten.






















