Kwestie van geen nieuwe thread aan te moeten maken, zal ik het dus maar hierbij zetten.
Ik had onlangs een discussie over verdunnen en heb momenteel nog steeds geen antwoord gevonden.
De stelling luidde als volgt: Als je een beetje vloeistof (het voorbeel in kwestie was grenadine) in een glas doet en de rest aanvult met water, heb je dit verdund. Vervolgens drink je een groot deel van het glas leeg (meer dan de helft) en vul je opnieuw aan met water. Zo ga je oneindig door.
Volgens mij kun je dan de oorspronkelijke hoeveelheid grenadine oneindig veel verdunnen, maar zal ze nooit volledig verdwijnen (exponentiëel/logaritmisch dalend met als horizontale asymptoot x = 0). Als tegenargument kreeg ik dan te horen dat er op een bepaald moment slechts 1 molecule grenadine meer zal overblijven, die niet meer verdund zou kunnen worden en dus wel volledig zou verdwijnen...
Hoe werkt dit nu precies?