Ik lieg nooit!
by , 23 november 2008 at 23:11 (892 Bekeken)
Sinds jaar en dag trachten mensen op de meest uiteenlopende manieren te interageren en met elkaar te communiceren om zodoende informatie te vergaren over hun omgeving. Niet alleen praten we met elkaar over onze meningen en opvattingen, maar evenzeer over maatschappelijke problemen; we stellen feiten in vraag of palaveren over dagdagelijkse zaken zoals het weer. Dat is op zich geen probleem, toch niet zolang iedereen akkoord gaat met de gegeven beweringen. De problemen beginnen immers pas wanneer twee of meerdere mensen het oneens zijn met elkaar, wat meestal leidt tot een discussie waarbij de ene partij de ander van zijn gelijk probeert te overtuigen.
En daar begint het schoentje te wringen, want vooralsnog zijn er slechts een paar manieren om iemand van je gelijk te overtuigen of, het is maar hoe je het ziet, iemands ongelijk aan te tonen. Voor ik verder ga, wil ik even duidelijk maken dat ik ervan uitga dat we te maken hebben met een discussie waarin factoren als fysieke présence en groepsdruk geen rol spelen, wat in de praktijk vaak het geval is. Bovendien ga ik er ook van uit dat we te maken hebben met twee mensen die geen nood hebben aan enige vorm van fysieke agressie om hun punt duidelijk te maken. Met andere woorden, argumenteren en tegen-argumenteren zijn de enige methodes die gebruikt worden in deze geciviliseerde discussie. De aard van argumenten speelt trouwens van geen enkel belang en mogen dus zowel rationeel als emotioneel zijn.
Alors, om samen te vatten: argumentatie is de enige methode om de discussie als "winnaar" af te sluiten. Nu, discussiëren is eigenlijk proberen de andere onzeker te maken over zijn standpunt en vervolgens aan te tonen dat jouw standpunt correct(er) is, waarbij je de ander een nieuwe zekerheid aanbiedt, zijnde jouw mening. Vooral in discussies die moeten leiden tot actie zijn er bepaalde methodes, zijnde kleine zinnetjes, die je kan gebruiken om de ander te overhalen van je gelijk, zoals daar zijn: 'Je kunt me vertrouwen' of 'Hier lieg ik nooit over'.
Het probleem met deze zinnen is echter dat ze slechts in één geval zekerheid bieden en dat is als deze zinnen daadwerkelijk waar zijn. Een voorbeeld:
Discussie: Het laatste koekje is verdwenen, wie heeft het opgegeten?
Persoon X: "Jij hebt het laatste koekje opgegeten, ik ben er zeker van"
Persoon Y: "Neen, ik heb het niet opgegeten, want ik lieg nooit over deze dingen!"
Probleem: Wie heeft gelijk?
Oplossing 1: Persoon Y liegt niet en heeft het koekje niet opgegeten.
Oplossing 2: Persoon Y liegt over het nooit liegen. Bijgevolg is alles wat volgt uit de premisse 'ik lieg nooit' ook gelogen en dus vals. Persoon Y heeft het koekje dus wel opgegeten.
In bovenstaande gevallen is er dus iedere keer sprake van een zekerheid omtrent het opeten van het koekje: ofwel heeft persoon Y het koekje opgegeten, ofwel niet. Er is, met andere woorden, telkens sprake van absolute zekerheid.
Alhoewel ...
We houden geen rekening met de werkelijke implicaties van de negatie van 'nooit liegen'. De bewering 'ik lieg nooit', kan eigenlijk opgesplitst worden in:
- Ik heb nog nooit gelogen
- Ik lieg niet
- Ik zal nooit liegen
Nu is het absoluut onmogelijk om met zekerheid over de toekomst te praten, dus is de bewering over de zekerheid dat je nooit zal liegen in de toekomst eigenlijk een onzekerheid, wat betekent dat het niet correct is om het te gebruiken als valide argument. Ik heb in het vorige gedeelte al aangetoond dat ook de bewering 'ik lieg (nu) niet' eigenlijk een onzekerheid bevat en bijgevolg ook niet bruikbaar als argument. Blijft over: 'ik heb nog nooit gelogen'. Om hiervan de negatie te weten te komen, moeten we eerst de zin herformuleren.
Ik heb nog nooit gelogen
=> Ik heb over niet één bewering gelogen
Hierdoor verstaan we waarom oplossing 2 eigenlijk geen zekerheid biedt:
OF het antoniem van 'nooit' is 'altijd', waardoor je zeker weet dat persoon Y het koekje opgegeten heeft.
OF het antoniem van 'nooit' is 'soms', waardoor je niet zeker weet of persoon Y nu wel of niet liegt.
De eerste 'OF' is dezelfde als in oplossing 2 en aangezien we deze net ontleed hebben als zijnde niet zeker, kunnen we het niet gebruiken als zekerheid. Dit is eigenlijk best logisch, want de negatie van zekerheid ("ik lieg nooit") is onzekerheid ("ik lieg soms"), in tegenstelling tot "Ik lieg altijd", wat zich voordoet als een nieuwe zekerheid. De tweede 'OF' luidt opnieuw een onzekerheid in, waardoor het ook geen verdict velt over Persoon Y.
Om af te sluiten wil ik iedereen er even op duiden dat dit een sterk gesimplificeerd voorbeeld is en dat praktisch iedereen wantrouwig zou staan tegenover het "ik lieg nooit" statement van Persoon Y. Echter, met dit model wil ik aantonen dat je in discussies altijd aandachtig moet blijven voor deze methode van argumenteren, want zonder je het beseft wordt je uiteindelijke beslissing mede bepaald door dit soort zinnetjes.
Reacties
Trackback-signaleringen
Totaal aantal trackback-signaleringen 0
Trackback-link:



